Grootste objectieve website voor
 complementaire en alternatieve geneeskunde

IOCOB

Home > Complementaire behandelwijzen > Maatschappij > Slotervaart ziekenhuis: Minister VWS antwoordt

Slotervaart ziekenhuis: Minister VWS antwoordt

Share |
Het Kamerlid Henk van Gerven van de SP, tevens arts, heeft in de vaart die door de VtdK ontstond aan de minister van VWS een serie onprettig klinkende vragen gesteld, die gelukkig zeer realistisch beantwoord zijn.  Het Kamerlid had deze vragen hoogstwaarschijnlijk direct ingefluisterd gekregen door de VtdK zelf, of had zich uitgebreid in kennis gesteld van wat de VtdK zo in het algemeen te berde brengt. Het antwoord van de minister is wederom een sterk argument om de door de VtdK geroyeerde kinderarts Ines von Rosenstiel te rehabiliteren. Maar die geste zullen we niet meemaken vrezen we. Informeer u zelf:

Antwoorden van minister Klink op de vragen van het Kamerlid Van Gerven (SP) over het pionieren 

met complementaire gezondverstandgeneeskunde in het Slotervaartziekenhuis 

(2009Z02094/2080912580). 

Vraag 1 

Wat is uw reactie op het feit dat het Slotervaartziekenhuis complementaire behandelingen in het 

ziekenhuis aanbiedt? 

 

Antwoord 1 

De technieken en behandelingen die het Slotervaartziekenhuis toepast ter bestrijding van pijn, angst 

en stress, zijn aanvullend op reguliere behandelwijzen. Zolang deze complementaire behandelwijzen 

en technieken worden toegepast onder de voorwaarden die in antwoord 7 worden genoemd, zie ik 

geen probleem in het aanbieden van integrative medicine in het ziekenhuis. 

 

Vraag 2 

Zijn de behandelingen die op de kinderafdeling worden toegepast gebaseerd op betrouwbaar 

wetenschappelijk onderzoek? Zo ja, kunt u dit toelichten? Zo nee, welke consequenties dient dit dan 

te hebben voor het zorgaanbod van het ziekenhuis? 

Antwoord 2 

Waar het om gaat is of de betrokken beroepsgroep de behandelingen tot het aanvaarde arsenaal van 

medische onderzoeks- en behandelingsmethoden rekent. Daarbij zijn zowel de stand van de medische 

wetenschap als de mate van acceptatie in de medische praktijk belangrijke graadmeters. Bij dat 

laatste gaat het er om in welke mate de beroepsbeoefenaren dergelijke behandelingen als een 

professioneel juiste handelwijze beschouwen. De desbetreffende behandelingen zijn tot op heden niet 

in de behandelrichtlijnen van de representatieve beroepsgroep (in casu kinderartsen) opgenomen. Dat 

sluit toepassing buiten deze context echter niet geheel uit. Antwoord 7 beschrijft de voorwaarden 

waaronder deze behandelingen kunnen worden uitgevoerd. 

 

Vraag 3 

Komen dergelijke behandelingen als aromaverneveling voor operaties en begeleide 

visualisatieoefeningen in aanmerking voor vergoeding in het kader van de Zorgverzekeringswet? Zo 

ja, waarom? 

Antwoord 3 

Neen, zij komen niet voor vergoeding in het kader van de Zorgverzekeringswet in aanmerking. 

Vraag 4 

Worden patiënten of hun ouders bij behandelingen in het ziekenhuis geconfronteerd met eigen 

betalingen omdat het niet vergoed wordt in het kader van de Zorgverzekeringswet? Zo ja, wat is uw 

mening daarover? 

 

Antwoord 4 

Patiënten dienen behandelingen die niet voor vergoeding op grond van de Zorgverzekeringswet in 

aanmerking komen zelf te betalen. Het is de verantwoordelijkheid van elke patiënt om zelf te bepalen 

welke zorg hij wenst. Uiteraard moet een patiënt vooraf goed geïnformeerd worden over de financiële 

consequenties van behandelingen die niet onder de Zorgverzekeringswet vallen. 

 

Vraag 5 

Wat is uw oordeel over de integrative medicine kinderadviespolikliniek? Vindt u het wenselijk dat 

kinderen voor behandeling worden doorverwezen naar complementaire behandelaars? 

 

Antwoord 5 

Zo lang er sprake is van keuzevrijheid en goede informatieverstrekking is hiervoor ruimte aanwezig. 

Zie ook mijn antwoord op vraag 7. 

 

Vraag 6 

Wat vindt u van het feit dat de ziekenhuisdirectie deze alternatieve ‘gezondverstandsgeneeskunde’ 

beschouwt als een mogelijk unique selling point voor het ziekenhuis? Is dit niet ‘productiegedreven’ 

ziekenhuiszorg waarbij de kwaliteit onder druk staat? Zo nee, waarom niet? 

 

Antwoord 6 

Het is goed mogelijk dat de door het Slotervaartziekenhuis aangeboden ‘gezondverstandgeneeskunde’ 

bepaalde patiënten aanspreekt. Zolang de voorwaarden, geschetst in het antwoord op vraag 7, in 

acht worden genomen is geen aanleiding om te menen dat de kwaliteit onder druk komt te staan. 

 

Vraag 7 

In hoeverre is de Inspectie op de hoogte van dit zorgaanbod van het Slotervaartziekenhuis? Zo ja, 

wat is het oordeel van de Inspectie hierover? Zo nee, bent u dan bereid de Inspectie een onderzoek te 

laten instellen? Zo nee, waarom niet? 

 

Antwoord 7 

De Inspectie is op de hoogte van het feit dat in het Slotervaartziekenhuis een vorm van alternatieve 

geneeskunde wordt bedreven. Deze informatie is te vinden op hun website (link naar professionals). 

Het Slotervaartziekenhuis beschikt o.a. over een behandelcentrum voor integratieve geneeskunde. De 

Inspectie heeft hiervan kennis genomen.  

Het oordeel van de Inspectie is dat het ziekenhuis, de artsen, de verpleegkundigen m.b.t. de 

medische zorg aan patiënten (diagnostiek, behandeling en verpleging) zich houden aan wat 

wetenschappelijk aanvaard is. Daar waar de wetenschappelijke onderbouwing nog ontbreekt, 

verrichten zij de werkzaamheden op grond van hun deskundigheid en binnen de kaders die daarvoor 

binnen de beroepsgroep zijn gegeven.  

De klachten van de patiënt moeten de diagnostiek en de behandeling rechtvaardigen. Hetgeen over 

informed consent wettelijk is vastgelegd moet worden uitgevoerd. Dat houdt in dat de patiënt wordt 

geïnformeerd en die informatie in het medisch dossier wordt vastgelegd. Voor BIG-geregistreerde 

beroepsbeoefenaren geldt dat zij hun patiënten moeten voorlichten over de mogelijke reguliere 

(evidence-based) behandelmethoden en alternatieve behandelmogelijkheden. Hierbij dient duidelijk 

onderscheid gemaakt te worden tussen het reguliere aanbod – en wat daarbinnen de verschillende 

mogelijkheden en verwachtte resultaten zijn – en het alternatieve aanbod. Dit moet, met de 

 

toestemming van de patiënt/ouders met de aangeboden behandeling, ook goed in het dossier zijn 

vastgelegd. Het is aan de behandelaar om de patiënt volledig en juist te informeren, het is vervolgens 

aan de patiënt/ouder om een behandeling te kiezen  

 

Vraag 8 

Welke mogelijkheden heeft de Inspectie om hier in te grijpen? 

 

Antwoord 8 

De Inspectie beschikt over meerdere handhavingsinstrumenten, op grond van de Kwaliteitswet 

zorginstellingen (gericht tegen de instelling) als op grond van de Wet BIG (gericht tegen de individuele 

beroepsbeoefenaar). Bij de keuze van een handhavingsinstrument worden de feiten van een casus 

beoordeeld onder meer op ernst van de feiten, risico voor de patiënt en de gevolgen van het 

handelen.  

In ernstige gevallen kan een bevel worden gegeven. Indien het een BIG-geregistreerde 

beroepsbeoefenaar betreft is daarnaast ook tuchtrechtspraak mogelijk; indien geen sprake is van een 

BIG-geregistreerde beroepsbeoefenaar resteert het strafrecht. 

 

Vraag 9 

Kunt u meedelen wat er uit het door u beloofde onderzoek naar de alternatieve geneeswijze 

toepassende specialist uit het Zaans Medisch Centrum is gekomen? Past deze specialist alternatieve 

geneeswijzen toe in het ziekenhuis? 2) Heeft dit nog tot maatregelen geleid? Zo nee, waarom niet? 

 

Antwoord 9 

Een melding hierover is in 2007/2008 door de IGZ behandeld. De desbetreffende melder is gewezen 

op de klachtencommissie en het tuchtcollege. Door de IGZ is verder geen onderzoek gedaan; evenmin 

is er ingegrepen. Het feit dat alternatieve behandelwijzen toegepast worden, impliceert op voorhand 

niet een ingrijpen van de IGZ. Zie ook mijn antwoorden op vraag 2, 7 en 8. 

 

1) Het Financiële Dagblad, 4 februari 2009: “Inspelen op de wisselwerking tussen lichaam en geest”  

2) Gegevens onderhands verstrekt aan bewindspersoon 


 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *