Grootste objectieve website voor
 complementaire en alternatieve geneeskunde

IOCOB

Home > Ziekten > AIDS en HIV > Q10 bij AIDS

Q10 bij AIDS

Share |

Q10: een  codenaam voor een geheime operatie van de CIA? Nee, de naam van een lichaamseigen stof die een belangrijke rol speelt bij de vorming van energie in de cellen van vrijwel alle levende wezens. De stof Q10 werd in 1957 ontdekt door een Amerikaanse wetenschapper die daarvoor in 1978 de Nobelprijs voor scheikunde kreeg. In hetzelfde jaar kwam een Engelse hoogleraar erachter dat de stof in alle cellen voorkwomt en gaf er de naam ubichinon aan: 'overal voorkomend'. Er zijn wat aanwijzingen dat Q10 het immuunsysteem bij AIDS patienten op een positieve wijze ondersteunt.

Q10 heeft vele namen en staat onder meer bekend als CoQ10, Co-enzym Q10, ubiquinone of ubidecarenone. De stof heet Q10, omdat in de chemische structuur 10 dezelfde stukken molecuul aanwezig zijn in de zogenaamde staart van het molecuul.

De kop van het molecuul Q10 bestaat uit een ring atomen en heeft de functie om elektronen van het ene naar het andere molecuul in de cel over te brengen. Door dat overdragen van elektronen ontstaat energie in de cellen, noodzakelijk voor alle levensprocessen. Deze kopstructuur van het molecuul wordt door scheikundigen Quinone genoemd, vandaar de letter Q.

De rol die Q10 speelt in de stofwisseling van levende wezens is dat het als een soort enzym functioneert, een zogenaamd co-enzym. Het maakt de functie van tenminste drie verschillende enzymen mogelijk. Deze drie enzymen zitten in de energieleveranciers van de cellen, de mitochondriën en spelen alle een belangrijke rol in de productie van energie.

Functie Q10

Q10 is een lichaamseigen stof met een cruciale functie in de cellen. Wij kunnen Q10 zelf maken, dus het is geen vitamine in de strikte betekenis van het woord. Voor ons lichaam is het niet eenvoudig om Q10 te maken. Daarvoor is niet alleen een reeks vitamines nodig, itamine B2, B3, B5, B6, Foliumzuur en vitamine C, maar ook een serie sporenelementen.

Omdat onze hedendaagse voeding niet optimaal is, zijn sommige enzymen of sporenelementen niet voldoende aanwezig. Enkele wetenschappers menen dan ook dat dit de reden is waarom een aantal mensen waarschijnlijk te weinig Q10 produceert. Dit gebrek zou mede de oorzaak kunnen zijn van een hartinfarct.

Co-enzym Q10 speelt een belangrijke rol, vooral in de hartcellen, in de keten van biochemische processen die energie produceren, . Bij mensen met hartspierzwakte is het co-enzym Q10 gehalte verlaagd. Een tekort aan Q10 kan worden gecorrigeerd door ubichinon als tablet of capsule in te nemen. Recente onderzoekingen geven aan dat Q10 inderdaad de hartfunctie bij patiënten met hartfalen kan verbeteren.

Q10 en voedsel

In Denemarken heeft men ontdekt dat de gemiddelde hoeveelheid Q10 die via het voedsel opgenomen wordt drie tot vijf milligram per dag is. De meeste mensen krijgen dus minder dan 10 mg van de stof binnen. Dat lijkt wat weinig te zijn. Q10 zit vooral in vlees, gevogelte, vis, sojabonen en noten. Een derde van de stof gaat verloren als voedsel gebakken wordt, koken vermindert de hoeveelheid Q10 niet.

Voedsel Hoeveelheid Q10 (mg)
Biefstuk Gewone portie 2.6
Haring Gewone portie 2.3
Kip Gewone portie 1.4
Sojaolie 1 eetlepel 1.3
Gestoomde forel Gewone portie 0.9
Pinda 1 portie 0.8

 

Q10 en Onderzoek

In de jaren 60 ontdekten Japanse geleerden dat in de hartspier enorm veel Q10 zit. Dit is begrijpelijk, omdat de hartspier constant hard moet werken. Daardoor heeft hij veel energie nodig. Het hart slaat ongeveer 100.000 keer per dag en 36 miljoen keer per jaar en Q10 moet de energie voor al die slagen mogelijk maken.

De laatste decennia is er veel onderzoek gedaan naar de functie van Q10 bij hartaandoeningen, vooral hartfalen. Men vond dat in het bloed en weefsels, zoals het hartspierweefsel, veel te lage concentraties Q10 aanwezig zijn. Verder is gebleken dat de ernst van het hartfalen, waarbij de patiënt bijvoorbeeld niet meer kan traplopen zonder buiten adem te zijn, samenhangt met de ernst van het tekort aan Q10. Dus: hoe groter het tekort aan Q10, hoe ernstiger het hartfalen.

Een van de eerste onderzoeken, dat gepubliceerd werd in het prestigieuze symposiumverslag ‘Proceedings of the National Academy of Sciences of the USA’ van juni 1985 schokte de medische wereld. De auteurs maakten melding van 19 patiënten die een heel ernstige vorm van hartfalen hadden en op het randje van de dood balanceerden. De therapeutische resultaten van de Q10-behandeling waren vanuit klinisch oogpunt enorm: het hartfalen verminderde op een indrukwekkende wijze. Deze verslaglegging werd snel opgevolgd door nieuwe studies met een academische opzet.

In de begintijd heeft men onderzocht of het toevoegen van Q10 aan de behandeling met ontwateringmiddelen (diuretica) en digitalispreparaten of zogenaamde ACE-remmers effect had. Twee groepen patiënten werden onderzocht: Een groep met Q10 en een groep met placebotabletten. De functie van het hart werd vervolgens met moderne technieken gemeten en er bleek dat een langzame verbetering optrad bij de groep met Q10. Nog belangrijker was dat de symptomen waar de patiënten over klaagden, zoals kortademigheid, pijn op de borst, hartkloppingen en vermoeidheid ook alle positief reageerden op de behandeling.

Deze bijzondere uitkomsten zijn inmiddels in vele andere studies bevestigd. Onderzoek in Duitsland, Japan en de USA demonstreerde dat Q10 een positief effect heeft bij hartfalen en dat de stof veilig is. De grootste studie was een Italiaanse studie waar meer dan 2500 patiënten met hartfalen succesvol met Q10 behandeld werden.

Studies met Q10 en het hart

In recente studies is specifiek gekeken naar de effecten op de diastolische functie van het hart die relatief vroeg vermindert bij aandoeningen zoals hartklepstoornissen, hartfunctieproblemen door hoge bloeddruk e.d. De diastolische functie is afhankelijk van de ontspanning van het hart, en vreemd genoeg is voor een optimale ontspanning van de hartspier heel veel energie nodig, mogelijk gemaakt door Q10. Het kost het hart veel meer energie om zich met bloed te vullen, dan dat het energie kost om het hart te legen. Daarom is het meten van de vulling van het hart, een goede graadmeter voor de energieproductie van het hart. Als er te weinig energie beschikbaar is, kan het niet goed ontspannen, en blijft het stijf, zodat de vulling niet optimaal is. Dit kan met moderne technieken zoals de echocardiografie zichtbaar gemaakt worden. Met ultragolven wordt als het ware door de borstwand heen gekeken naar de functie van het hart. De stijfheid van de hartspier verdwijnt na het geven van Q10 en het hart kan beter ontspannen. Een gevolg daarvan is dat er meer bloed in de hartspier stroomt, en dat er ook meer bloed in het lichaam rondgepompt kan worden.

Q10 en AIDS

Onderzoekers uide VS behandelden een aantal AIDS patienten en vonden een positief effect op de T cellen:

We have newly found that 14 ordinary subjects responded to CoQ10 by increases in the T4/T8 ratios and an increase in blood levels of CoQ10; both by p less than 0.001.  [1]

Een andere groep melde positieve effecten op de klinische status. [2] Voorts kan bij zommige AIDS middelen myopathie optreden, waarbij Q10 een gunstig effect op het herstel zou kunnen hebben. [3]

Helaas is het allemaal wat oud en niet echt indrukwekkend. Vandaar een oranje stoplicht voor Q10 bij AIDS.

Q10 Bijwerkingen en Interacties

Er zijn geen ernstige bijwerkingen bekend van Q10. Sommige patiënten klagen over slapeloosheid, een reden om dan Q10 bij het ontbijt te geven en niet bij het avondeten. Vooral doseringen boven de 100 mg kunnen activerend werken en de slaap storen. Soms ontstaat roodheid van de huid, misselijkheid en pijn in de bovenbuik. Ook duizeligheid, overgevoeligheid voor licht, snel geïrriteerd worden, hoofdpijn en vermoeidheid zijn als bijwerkingen beschreven. Meestal echter van voorbijgaande aard. Er zijn wel gevallen bekend van interacties. Daarom moet Q1
0 niet klakkeloos genomen worden zonder medische begeleiding. De aanvankelijke angst dat Q10 de werking van bloedverdunnende stoffen zou versterken, is door recent onderzoek ontkracht. Toch wordt nog vaak gewaarschuwd dat Q10 niet gegeven moet worden bij patiënten die met bloedverdunnende middelen zoals coumarine behandeld worden.

Q10: Onderzoek in Nederland

Q10 is een belangrijke stof, die binnen de reguliere behandeling van hartfalen helaas zelden wordt ingezet. Dat komt doordat de stof als supplement wordt gezien, en daarom ‘verdacht’ is. Ook speelt een rol dat er geen patentbescherming is en dat Q10 dus niet onder de aandacht van artsen wordt gebracht door mrachtige farmaceutische bedrijven. Het is zeer de moeite waard om het therapeutische effect van deze stof verder te onderzoeken.

Beoordeling

Vanwege de veiligheid en bewezen effectiviteit, geeft IOCOB een oranje stoplicht voor de toepassing bij patiënten met AIDS. Het bijwerkingenprofiel is veilig,  zeker in vergelijking met reguliere middelen voor deze indicatie.

Sites

Referentie

[1] Folkers K, Hanioka T, Xia LJ, McRee JT Jr, Langsjoen P. | Coenzyme Q10 increases T4/T8 ratios of lymphocytes in ordinary subjects and relevance to patients having the AIDS related complex. | Biochem Biophys Res Commun. | 1991 Apr 30;176(2):786-91.

[2] Folkers K, Langsjoen P, Nara Y, Muratsu K, Komorowski J, Richardson PC, Smith TH. | Biochemical deficiencies of coenzyme Q10 in HIV-infection and exploratory treatment. | Biochem Biophys Res Commun. | 1988 Jun 16;153(2):888-96.

[3] Rosenfeldt FL, Mijch A, McCrystal G, Sweeney C, Pepe S, Nicholls M, Dennett X. | Skeletal myopathy associated with nucleoside reverse transcriptase inhibitor therapy: potential benefit of coenzyme Q10 therapy. | Int J STD AIDS. | 2005 Dec;16(12):827-9.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *