Grootste objectieve website voor
 complementaire en alternatieve geneeskunde

IOCOB

Home > Geen categorie > Overeem: Brand complementaire behandelwijzen niet plat

Overeem: Brand complementaire behandelwijzen niet plat

Share |
De brief van dr. Overeem geeft een wat humoristische achtergrond m.b.t. de waarde van het proefschrift van dr. Renckens.

Dr. S. Overeem, schreef onder de titel ‘Op de brandstapel’ in Medisch Contact Nr. 47 op 19 november 2004, pagina: 1852 dat hij na het lezen van het interview met dr Renckens (MC 42/2004: 1654) verbaasd was dat Renckens  zich überhaupt naar de aula van de Universiteit van Amsterdam begaf. Hij stelde de vraag welke promotiecommissie het zou wagen om te twijfelen aan de inhoud van zijn proefschrift? En vervolgde dat het helaas zo is dat het uitbrengen van een proefschrift niet een bewijs van wetenschappelijke bekwaamheid is. Een search die dr Overeem deed in Pubmed leverde 25 verwijzingen naar dr Renckens op, maar na het weglaten van Nederlandstalige ingezonden brieven en opiniestukken, was er slechts 1 onderzoeksverslag in een internationaal tijdschrift uit 1984, waar dr Renckens tweede auteur was.

Hij merkte op dat dit mager was voor (citaat): ‘iemand die het simpelweg ‘niet eens is’ met een wetenschappelijk zwaargewicht als prof. Vandenbroucke en die als gynaecoloog de kwantummechanica bestempelt als ‘buitenissig gebied van de natuurwetenschap.’

Dr Overeem meende dat dr Renckens dan consequent moet zijn en moet toegeven dat de reguliere geneeskunde veel bewijs mist.

Hij eindigde zijn ingezonden brief met: ‘Ook al is de alternatieve geneeskunde niet gebaseerd op natuurwetenschappelijke inzichten, veel patiënten hebben er baat bij. Het lijkt me verstandig de alternatieve geneeswijzen te reguleren en te controleren, niet om ze plat te branden en vervolgens weer uit de as te zien herrijzen.’

Gerelateerde artikelen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.